Naar hoofdinhoud

Het Gasselterveld: de Malediven van Nederland

19 juni 2025

‘Moet je dit eigenlijk wel willen, die zandwinning?’ vraag ik aan boswachter Linde Veldhoen. We kijken uit over het Gasselterveld, het azuurblauwe meer dat tegenwoordig bekendstaat als de Malediven van Drenthe. Linde lacht even, maar haar blik wordt snel serieuzer. ‘Dat is een goede vraag,’ zegt ze. ‘Aan de ene kant heeft het landschap er enorm onder geleden. Je kunt dit gebied eigenlijk zien als een holle kies: de zandwinning heeft er een diepe hap uitgehaald. Maar aan de andere kant heeft het ook iets bijzonders opgeleverd. Zonder die winning was dit heldere meer er nooit geweest.’ 

Linde neemt me mee in de geschiedenis van deze plek. Het Gasselterveld maakt deel uit van de Hondsrug, een eeuwenoud landschap dat in de ijstijd is gevormd. Het landijs schoof over Noord-Nederland en liet ruggen achter, dalen en een dikke laag leem. ‘Dat leem zorgt er nog altijd voor dat water hier blijft staan,’ legt Linde uit. ‘Het is letterlijk de basis van dit landschap.’ In 2013 is de Hondsrug benoemd tot UNESCO Global Geopark, het enige in Nederland. ‘Dat maakt dit gebied echt erfgoed,’ benadrukt ze. ‘Niet alleen mooi, maar ook van wereldwijde betekenis.’ 

Toch heeft die status ook een keerzijde. Waar vroeger zware machines het zand afgroeven, trekken nu massa’s recreanten naar het meer. ‘Mensen komen hier voor dat blauwe water, voor de foto’s, voor een dagje uit,’ zegt Linde. ‘En dat is prachtig, natuur moet je beleven. Maar het betekent ook dat dieren soms geen rust meer vinden. Honden die niet aangelijnd zijn veroorzaken stress bij reeën of broedvogels. Als boswachters proberen we de balans te bewaren, maar het blijft een uitdaging.’ Nog geen vijf minuten later komen we een stel jongens tegen met een hond die vrolijk (los) rondrent. Linde stapt kordaat op hen af om vriendelijk maar duidelijk te vragen of ze de hond willen aanlijnen. Ik vraag haar daarna of ze wel eens met agressie te maken heeft en hoe dat voor haar is. Hierop antwoordt Linde op rustige, maar gemotiveerde toon: ‘Ik heb al van jongs af aan een enorme drive, die ik nu als boswachter kan waarmaken. De natuur heeft geen stem, dus het is mijn levensdoel om namens haar te spreken.’ Dat maakt dat Linde zelfverzekerd blijft als ze de natuur ‘bewaakt’ en waardoor ze vijandige reacties goed kan verdragen. 

We lopen verder het bos in dat het meer omringt. Ooit werd dit gebied aangeplant als monocultuur, met name fijnspar. ‘Het was vooral productiebos,’ vertelt Linde. ‘Maar monocultuur maakt kwetsbaar. Denk aan de bastkever die hele stukken spar aantast. Tegenwoordig kiest Staatsbosbeheer voor meer variatie: loofbomen krijgen meer ruimte en er worden ‘klimaatslimme’ soorten aangeplant die beter bestand zijn tegen droogte of ziektes.’ Terwijl we langs jonge boompjes lopen, citeert Linde een oud gezegde: “Boompje groot, plantertje dood.” Ze glimlacht: ‘Wat we nu planten, is eigenlijk voor de generaties na ons. Dat vraagt om geduld en soms ook om vertrouwen dat de natuur haar weg vindt.’ 

Tekst gaat verder onder de foto.

Ook in het waterbeheer verandert er veel. ‘Vroeger lagen in veel bossen overal sloten om het bos te ontwateren,” vertelt Linde. “Maar die zijn inmiddels grotendeels dichtgegooid. We noemen dat klapstoelbeheer: je gaat als het ware als boswachter op de stoel zitten en laat de natuur weer zelf de regie nemen. Dat klinkt simpel, maar het maakt echt verschil. Waar het water nu langer blijft staan, zie je soorten terugkomen die hier al lang niet meer groeiden of broedden. Eigenlijk geven we de natuur alleen maar een zetje. Daarna doet ze het zelf weer.’ 

Wanneer we terugkeren naar het meer, zie ik opnieuw de glinstering van het blauwe water. Het ziet er paradijselijk uit, maar ik hoor ook de echo van Linde’s woorden. Dit is geen ongerept natuurwonder, maar een plek die is ontstaan uit littekens. Een holle kies, ja, maar wel één die nu ruimte biedt aan verhalen, herinneringen, plezier en ontspanning. En die misschien ook lessen voor de toekomst in zich bergt. Want uiteindelijk is het de grond zelf die dit gebied draagt: het leem dat door het ijs is neergelegd, de zandlagen die zijn afgegraven, de bodem die opnieuw ademhaalt nu sloten worden gesloten en bomen wortelschieten. Het Gasselterveld herinnert me aan iets dat ik wel weet, maar dat ik steeds opnieuw moet zien om het niet te vergeten: dat het landschap nooit statisch is, maar altijd in beweging.  

De Malediven van Nederland